In gesprek met

Jeroen Ankersmit

Voorzitter Directie

  • Van: MBO College Hilversum
  • Leeftijd: 54
  • Houdt van: Het leven
  • Favoriete plek in Het Gooi: Ons huis

‘Het is fijn dat ik van invloed kan zijn op de community waar ik zelf woon en werk. Ik ben trots op onze samenwerkingsverbanden in de regio. ’

‘Je ziet dat het mbo-onderwijs weer de aandacht krijgt die het verdient’

Als Jeroen ’s morgens wakker wordt, is hij meteen op zijn favoriete plek in het Gooi. Tel daarbij op dat hij elke dag mag werken in een school die op alle vlakken barst van de diversiteit, dan begrijp je dat hij vol energie aan de dag begint. Het MBO College Hilversum voelt voor Jeroen Ankersmit als ‘een klein dorpje’, waar alles samen komt. Waar wordt gekeken naar wat er wél kan en ‘ja’ zeggen het startpunt is.

Niet roeptoeteren vanaf de zijlijn

Jeroen heeft de lerarenopleiding niet zozeer gedaan om docent te worden. Hij was goed in economie en maakte door een bijbaan kennis met het onderwijs. ‘Met de breedte van dit vak kon ik alle kanten op’. En dat blijkt. Hij had een eigen bedrijf, schreef schoolboeken en begeleidde startende ondernemers. Hij werkte bij de Hotelschool in Amsterdam en heeft op Schiphol een college opgezet voor projecten rondom instroom, ontwikkeling en uitstroom. ‘Ik kwam in een fase waarin ik de behoefte had om te kiezen tussen mijn eigen bedrijf en het onderwijs. Hoewel ik het onderwijs soms wel bureaucratisch vond, wilde ik niet langer roeptoeteren vanaf de zijlijn. Bovendien wilde ik graag leidinggeven. Via het MBO College in Hoofddorp en Amstelveen, ben ik gevraagd voor een directiepositie in Hilversum. Dit sloot goed aan bij mijn profiel en ambities. Het is een mooie school.’

Snoepwinkel

‘Er is hier veel ruimte, zowel voor de studenten als de medewerkers, om je potentieel zo volledig mogelijk te benutten.’, vervolgt Jeroen. ‘De school staat midden in de samenleving. We vormen een spil tussen het bedrijfsleven, het hbo en vo en de gemeente. We zijn één grote snoepwinkel met verschillende niveaus, sectoren en mensen uit alle lagen van de bevolking. We zijn veel in het nieuws, hebben een ‘open mind’ en zijn in voor nieuwe dingen. We hebben veel samenwerkingsverbanden in de regio. Je ziet dat het mbo-onderwijs weer de aandacht krijgt die het verdient. Daar ben ik trots op.’

Van vakidioot naar goede docent

Op het MBO College Hilversum werken veel zij-instromers. Mensen die na of naast hun baan in de praktijk lesgeven. ‘De insteek is om samen te kijken wat en waar ze kunnen bijdragen. We gaan uit van de potentie die er is. Hoe maak je van een ‘vakidioot’ een goede docent. Daar hebben we een eigen opleidingstraject voor. Van een kennismaking met de school tot en met het halen van de bevoegdheid.’ Jeroen vertelt: ‘We hebben ook veel hybride docenten. Mensen die naast hun baan in de mediawereld bijvoorbeeld of een eigen bedrijf van betekenis willen zijn op school. Dit kan ook tijdelijk voor een module bijvoorbeeld. Dit levert een intensieve samenwerking met de praktijk op. Een win-win.’

Kringbewustzijn

Hoe kijkt Jeroen aan tegen het samenwerkingsverband Leraar in het Gooi? ’Het is als winkelen met mijn dochters in de Kalverstraat. Meer winkels bij elkaar vergroot de aantrekkingskracht. Daarom zitten alle schoenenwinkels bij elkaar. Het geheel is meer dan de som der delen. Als we ons met de scholen gezamenlijk positioneren op de arbeidsmarkt, trekken we in het geheel meer mensen.’ Hij lacht: ‘Dan is het een héle grote snoepwinkel. Ik word er blij van als het lukt om het gezamenlijk belang het eigenbelang te laten overstijgen. Naast kuddebewustzijn ook kringbewustzijn. Dit levert uiteindelijk ook meer op voor de scholen zelf.’

Nog beter maatwerk

Er vindt, ook door de Coronatijd, een digitale transformatie plaats. Het MBO College gaat het ‘blended’ leren, door de combinatie van theorie, praktijk en online, gerichter inzetten. ‘We kunnen zo nog beter maatwerk leveren. Op individueel niveau verbreden en verdiepen, versneller en vertragen. Tijd- en ruimteonafhankelijker leren, gekoppeld aan de behoefte van de student. Kijken hoe we de 50 weken van het jaar beter kunnen gebruiken, in plaats van de 40 die studenten en leraren nu veel tijdsdruk opleveren. We gaan ons ook meer richten op de beroepsbevolking. Bijscholing voor werkende mensen die een leven lang leren. De afnemende instroom van jongeren wordt hiermee deels opgevangen. Ik heb echt de ambitie om dat voor de komende jaren neer te zetten.’